
Nylon 66 heeft over het algemeen een hogere sterkte dan Nylon 6. De regelmatige moleculaire ketenopbouw, hoge kristaliniteit en talrijke waterstofbruggen zorgen voor sterke intermoleculaire interacties. Dit maakt Nylon 66 ideaal voor toepassingen zoals touwen, industriële doeken en hoogwaardige naaigarens. Nylon 6 heeft een minder regelmatige structuur en zwakkere waterstofbindingen, waardoor het onder belasting sneller breekt.

Nylon 66 presteert beter bij hoge temperaturen dankzij de strakke moleculaire rangschikking en sterke waterstofbruggen. Dit maakt het geschikt voor bandenkoorden en transportbanden. Nylon 6 heeft een minder stabiele kristalstructuur, waardoor het sneller vervormt bij verhitting.

Nylon 6 neemt iets meer vocht op dan Nylon 66 door zijn polaire moleculaire structuur. Dit maakt het geschikter voor sportkleding, waar snelle vochtopname en -afvoer belangrijk zijn voor comfort.

Nylon 6 heeft betere elastische eigenschappen dankzij zijn amorfe gebieden, waardoor het ideaal is voor rekbare stoffen. Nylon 66 heeft een hogere kristaliniteit, wat de beweging van moleculaire ketens beperkt.
Na verbranding: materiaal dat gemakkelijk tot draden getrokken kan worden is Nylon 6, terwijl Nylon 66 moeilijk vervormbaar is door zijn hogere kristaliniteit.